| ASK
Vorwärts Berlin - Feijenoord 1-0 Oost-Berlijn 4 maart
1970 Kwartfinale Europa Cup voor Landskampioenen
Ernst Happel had de moeilijke taak in het Oostberlijnse sporthotel zijn
spelers ervan te blijven overtuigen, hoewel hij er zelf niet in geloofde, dat
er wellicht toch zou worden gespeeld. Op woensdag 4 maart 1970 was Iury Jones
(de arbiter) om twaalf uur - de aanvangstijd was vier uur - in het Walter Ulbrichtstadion
waar het Oostduitse leger nog steeds een massale aanval op het veld uitvoerde.
En het touwtrekken over het wel of niet doorgaan begon. Jones met in zijn gevolg
Feijenoord-bestuurslid Gerard Kerkum probeerde een muntje in de grond te steken.
Het lukte hem niet en hij zei: Als ze nog drie dagen bezig zijn, is het
nog een aanfluiting. Gerard Kerkum deed dan ook zijn uiterste
best om de Brit ervan te overtuigen dat voetbal onder deze omstandigheden waanzin
was. Op een ander deel van het meer op een exercitie- dan voetbalterrein gelijkend
gebied snuffelde de Joegoslavische UEFA-waarnemer Popovic naar één
millimeter voor voetbal geschikte grond en zei: Spelen op dit veld brengt
veel te veel lichamelijke risico's met zich mee. Om half één
trok een duidelijk onder zijn verantwoording lijdende Jones zich voor verder beraad
terug. De Oostduitsers begonnen hem echter onder een steeds zwaardere druk te
zetten. De heer Jos Coler, met Feijenoord meegereisd, trachtte als bestuurslid
van de UEFA de belangen van de Nederlandse kampioen te behartigen. Om tien voor
één deelde Iury Jones mee dat hij om twee uur het veld opnieuw wilde
inspecteren als de Oostduitsers hem konden garanderen dat er dan twee centimeter
zand over het gehele terrein zou liggen. Het werd gegarandeerd. En inderdaad
rukten er spoedig daarna nog meer vrachtwagens met zand en aarde op. Om kwart
over twee was Iury Jones opnieuw aanwezig. En de man uit Wales liet zich en passant
zand in de ogen strooien. Hij achtte het veld, hoewel de hoeveelheid zand nauwelijks
iets aan de boze omstandigheden had verbeterd, en er met de aarde ook een flink
aantal stenen was gestort, bespeelbaar. Gerard Kerkum mopperde terecht: Die
man is gek. Hij zei dat het veld door de chemicaliën nu zacht is. Maar als
een speler een sliding maakt, zit je weer net zo hard op het ijs en de troep.
Het is volkomen onverantwoord te spelen. De Oostduitsers hebben hier een militaire
prestigeslag van gemaakt. En de heer Jones was daar niet tegen opgewassen.
En om vier uur - toen de spelers het veld opkwamen, sproeiden de vrachtwagens
nog steeds zand - begon de grootste voetbalklucht, die er tot dan toe in zestien
jaar Europa Cup ooit was opgevoerd. Niettemin was het nog bewonderenswaardig hoe
de spelers overeind bleven. En soms zelfs een sliding maakten. Slidings die enorme
slipgeulen achterlieteten. Vooral als Theo Laseroms als een soort zand-, sneeuw-
en ijsbreker over de piste gleed. Eén man waagde Ernst Happel niet aan
dit gevaar: Coen Moulijn. Die bewaar ik als een geheim wapen in Rotterdam,,
redeneerde de Oostenrijker. Feijenoord zal
de 1-0 nederlaag die het op de ijzige zandvlakte oploopt in de return meer dan
goedmaken: 2-0, en zich plaatsen voor de halve finale voor de Europa Cup voor
landskampioenen. uit:
25 Jaar
Europa Cup 1 Ed van Opzeeland (uitg. Het Spectrum) isbn: 9027494614
alleen nog antiquarisch te verkrijgen
|