Andrade
Europa had nog nooit een neger zien voetballen.
Tijdens de Olympische Spelen van 1924 imponeerde José Leandro Andrade
met zijn prachtige spel. In de middenlinie pakte deze grote man met het elastieken
lichaam de bal van de tegenstander af zonder hem aan te raken, en wanneer hij
ten aanval trok, verstrooide hij met zijn sierlijke lichaamsbewegingen de mensen
om hem heen. In een van de wedstrijden stak hij het halve veld over met de bal
op zijn hoofd. Het publiek juichte hem toe, en de Franse pers noemde hem het
Zwarte Wonder. Toen het toernooi afgelopen was, bleef Andrade nog
een tijdje in Parijs hangen. Hij was er een zwervende bohémien en de koning
van de nachtclubs. Zwarte lakschoenen vervingen de enorme sandalen die hij uit
Montevideo had meegebracht, en een hoge hoed nam de plaats in van de versleten
pet. De kronieken van die tijd begroetten de verschijning van die monarch van
de nachten van Pigalle: de verende, dansende pas, de brede grijns, de halfgesloten
ogen die altijd in de verte keken, en een uiterlijk dat er mocht zijn: zijden
zakdoeken, gestreept jasje, lichtgele handschoenen en ene wandelstok met zilveren
kop. Andrade stierf in Montevideo, vele jaren later. Zijn vrienden hadden
verschillende benefietfestiviteiten voor hem aangekondigd, maar er is er niet
één tot uitvoering gekomen. Hij stierf aan tbc en in de diepste
ellende. Hij was een neger. Zuidamerikaan en arm, en het eerste internationale
voetbalidool. Het
doelpunt van Garrincha
Het was in 1958, in Italië. De Braziliaanse selectie,
op weg naar het wereldkampioenschap in Zweden, speelde tegen de Italiaanse club
Fiorentina. Garrincha drong het strafschopgebied binnen, liet een verdediger
uitglijden, schudde een andere verdediger af, en nog één. Toen hij
ook de keeper had omspeeld, ontdekte hij dat er een speler op de doellijn stond:
Garrincha deed net alsof hij wel, deed net alsof hij niet, deed net alsof hij
in de hoek schoot, en de arme speler kwam met zijn neus tegen de doelpaal terecht.
Toen kwam de keeper weer op hem af. Garrincha speelde de bal tussen zijn benen
door en liep er het doel mee in. Toen liep hij met de bal onder zijn arm langzaam
het veld weer op. Hij keek naar de grond. Chaplin in slow motion, alsof hij zich
verontschuldigde voor dat doelpunt, dat de hele stad Florence op de been bracht.
Het
doelpunt van Jairzinho
Het gebeurde tijdens het Wereldkampioenschap van 1970. Brazilië
speelde tegen Engeland. Tostão ontving de bal van Paulo César
en ging ermee vandoor tot zover hij kon. Heel Engeland had zich voor het strafschopgebied
teruggetrokken. Zelfs de koningin was erbij. Tostão ontweek een speler,
nog één en nog éen, en gaf de bal aan Pele. Drie andere spelers
stonden meteen boven op hem: Pele deed net alsof hij doorging en de drie tegenstanders
gingen in rook op, maar hij stopte, draaide zich om en legde de bal voor de voeten
van Jairzinho die daar opdook. Jairzinho had geleerd zich van zijn tegenstander
te ontdoen toen hij in de armste sloppenwijk van Rio de Janeiro op zoek was naar
het leven: als een zwarte kogel schoot hij weg, omspeelde een Engelsman, en de
bal, de witte bal, verdween in het doel van keeper Banks. Het was het
winnende doelpunt. In feestpas had de Braziliaanse aanvaller zeven bewakers van
zich afgeschud. En het stalen bolwerk smolt weg onder de hete wind uit het zuiden.
Drie korte stukken uit uit Glorie en tragiek van het voetbal van de Uruguayaanse
schrijver Eduardo Galeano. De Nederlandse vertaling is niet meer leverbaar. De
Engelse nog wel. Het Spaanse origineel El Fútbol a sol y sombra
verscheen in 1995. Misschien wel het mooiste literaire voetbalboek dat wij ooit
gelezen hebben. Verhoudingsgewijs veel aandacht voor Zuid-Amerikaanse voetballers,
maar ook aan Cruijff en Gullit wijdt Galeano zijn literaire bespiegelingen. Galeano
maakt van voetbal literatuur, een handeling die normaal gesproken gedoemd is te
mislukken, maar hier wonderwel slaagt.
|